Cookies staan ons toe u een betere dienstverlening aan te bieden. Daardoor raden wij u ten zeerste aan cookies van onze website in uw browser te accepteren. Hier vindt u meer informatie over de op deze website gebruikte cookies.
Deze pagina gebruikt cookies.
Voor een onbeperkt gebruik van de BMW website zijn cookies noodzakelijk. Enkele van deze cookies vereisen uw uitdrukkelijke toestemming. Gelieve in te stemmen met het gebruik van cookies om alle functies van de website te kunnen gebruiken. Gedetailleerde informatie over het gebruik van cookies op deze website vindt u onder "Meer informatie". Hier kunt u ook uw toestemming voor het gebruik van cookies intrekken. Meer informatie
Deze pagina gebruikt cookies.
Door deze website te gebruiken, gaat u akkoord met het gebruik van cookies. Gedetailleerde informatie over het gebruik van cookies op deze website vindt u onder "Meer informatie". Hier kunt u ook uw toestemming voor het gebruik van cookies intrekken. Meer informatie

Dynamic Performance Control

Dynamic Performance Control verdeelt de aandrijfkrachten traploos over de wielen op de achteras en zorgt zo voor een betere trekkracht en rechtuitstabiliteit.
Dynamic Performance Control verdeelt de aandrijfkrachten traploos en doelgericht over de achterwielen en zorgt zo voor koersvastheid en stabiliteit met meer dynamiek en een hogere toelaatbare dwarsversnelling. Het sturen wordt lichter en preciezer, zowel tijdens dagelijkse ritten als bij rijden in extreme omstandigheden.
De werkwijze van Dynamic Performance Control kan worden verduidelijkt door een vergelijking met kanovaren: als in de hoofdstroom naar rechts moet worden afgebogen, zou men met de peddel aan de rechterkant kunnen afremmen. Dat is de normale werkwijze van de meeste elektronische stabiliteitsprogramma’s. Een andere mogelijkheid is krachtig peddelen aan de linkerkant om de kano zo doelgerichter vooruit en naar rechts te sturen. Dat is het principe van Dynamic Performance Control.
Het gaat om een combinatie van het achterasdifferentieel met twee differentiaaldrijfwerken en twee elektronisch gestuurde lamellenremmen. In dit mechatronische systeem werken informatica, elektronica en mechanica samen. Het verwerkt complexe gegevens zoals de giersnelheid, wielsnelheid, stuurhoek en motorkoppel en reageert doelgericht: indien nodig wordt een van de beide overbrengingsmechanismen via de lamellenremmen in de krachtstroom betrokken en wordt het aandrijfkoppel variabel en traploos over de achterwielen verdeeld. Deze verdeling wordt desgewenst op de boordcomputer weergegeven.

Veelzijdig inzetbaar
Dynamic Performance Control verhoogt de stabiliteit bij het versnellen uit bochten en helpt de bestuurder ook in moeilijke situaties, zoals bij een dubbele verandering van rijstrook. Voordat een neiging tot onder- of overstuur optreedt, wordt de wagen door het wiel met de meeste zijwaartse kracht in de bocht op het juiste spoor gehouden. De directere reacties van de stuurinrichting zorgen voor een voelbare verbetering van het rijcomfort en de veiligheid.
Dynamic Performance Control werkt ook bij het afremmen op de motor – wanneer de bestuurder de voet van het gaspedaal neemt en de wagen bijvoorbeeld bergaf rolt – en als het koppelingspedaal is ingetrapt. Als de achterwielen zich op een ondergrond met verschillende grip bevinden, verbetert Dynamic Performance Control de trekkracht door het wiel op de ondergrond met de meeste grip meer aandrijfkoppel te geven. Het verschil tussen het linker- en rechterachterwiel kan tot 1.800 Nm bedragen. Zo wordt de stabiliteit vergroot en kan duidelijk sneller worden geaccelereerd.
Voorbeeld: xDrive
Als een logische aanvulling op de xDrive-vierwielaandrijving kan Dynamic Performance Control aan alle motoren en aandrijfconcepten gekoppeld worden. Terwijl xDrive de kracht variabel tussen de voor- en achteras verdeelt, zorgt Dynamic Performance Control voor een intelligente krachtverdeling tussen de twee achterwielen. Het resultaat: precies stuurgedrag, ongeacht de rijomstandigheden.
 
 
Multimediacontent actiefMultimediacontent niet actief